Het PreHEART onderzoeksproject.

De preHEART score

 Hierna volgt een samenvatting van de opzet, het studie doel en de verwachte doelmatigheidseffecten van de PreHEART (studie). De (Pre)HEART score, is een risico hulpmiddel, waarmee ambulanceverpleegkundigen het risico van een ziekte aan de kransslagaderen (coronair lijden) beter kunnen inschatten.

 

Pijn op de borst.

Elk jaar vervoeren ambulancediensten in Nederland ongeveer 100.000 patiënten met pijn op de borst naar het ziekenhuis om coronair lijden uit te sluiten. Uit onderzoek blijkt dat een groot gedeelte van deze patiënten geen coronair lijden (40-60%) of een niet ontdekt hart infarct (5-15%) had. Dit leidt tot onnodig vertraging van optimale behandeling van een hartinfarct alsmede onnodige wachttijden en opname op een eerste hulp afdeling. Door een risico score te gebruiken kan de ambulanceverpleegkundige de patiënt een behandeling aanbieden die beter aansluit bij de patiënt. Door anamnese(H), hartfilm (E), leeftijd (A), risico als geslacht (R) en een bloedwaarde (T) samen te voegen, wordt de preHEART score berekend en de patiënt geplaatst in een laag, gemiddeld of hoog risico groep.

 

Studie doel

Hoewel de preHEART score nationaal gevalideerd is en veilig is bevonden, weten we niet of dit ook leidt tot doelmatigheidseffecten.  In deze studie fase krijgt de patiënt een behandeling volgens randomisatie, de oude of de nieuwe zorg. In de nieuwe zorg krijgt de patiënt de zorg volgens de preHEART score. De belasting voor de patiënt is hetzelfde als nu: anamnese door ambulanceverpleegkundige, een waak infuusnaald of een vingerprik (waar een druppel bloed uitgehaald wordt) en een hartfilmpje. De ambulanceverpleegkundige bepaalt welke zorg de patiënt krijgt aan de hand van de risico score. Deze zorg bestaat nu al en is dus niet nieuw ontwikkeld.


 

Beoogd zorgpad verandering

Na randomisatie krijgt de patiënt óf de oude zorg en wordt vervoerd naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis of volgens de preHEART score.  Indien een patiënt in de laagste risico groep valt, kan de verpleegkundige een afspraak met de huisarts worden gemaakt om te kijken naar andere oorzaken van de pijn op de borst en hiermee wordt een opname op de SEH of EHH voorkomen. De patiënt in de gemiddelde risico groep krijgt dezelfde zorg die tegenwoordig nog alle patiënten krijgen, dat wil zeggen, vervoer naar een eerste (hart) hulp afdeling van een ziekenhuis naar keuze en behandeling met een bloedverdunner (Ascal). De patiënten in de hoogste risico groep gaan voor verdere follow-up naar een ziekenhuis met PCI faciliteiten. 

Implementatie van het PreHEART model is een verdere uitwerking van Europese en Nederlandse richtlijnen voor het behandelen en op sporen van hartinfarcten en in lijn met landelijke richtlijnen voor de ambulancezorg. Het onderzoek bestudeert de effecten van de implementatie van het PreHEART model, op de patiënt en op de gezondheidszorg in twee fasen.

 

Doelmatigheidseffecten

Onze hoop en hypothese is dat we door invoering van het PreHeart model betere en efficiëntere zorg kunnen bieden voor alle mensen in Nederland die 112 bellen voor pijn op de borst. Met dit onderzoek kunnen onderzoeken of het invoeren van het preHEART model inderdaad leidt tot betere en efficiëntere zorg. Indien de uitkomsten van het onderzoek dat toelaten, gaan we het PreHEART model landelijk en misschien wel in geheel Europa gebruiken.

Om een inschatting te maken van de verschillende effecten, zet ik onze hypothesen voor u op een rij:

 

  • 30% toename herkenning van een hartinfarct. (NSTEMI)
  • 10-40% minder presentatie om de eerste hulp afdeling van het ziekenhuis
  • 50% reductie van de wachttijd van patiënten op een eerste hulp afdeling.
  • Meer beschikbare ambulance minuten door toename EHGV.
  • Minder interklinisch transport
  • Toename huisarts contacten en onbekend aantal extra verrichtingen
  • Kosten besparing van gemiddeld 1800 euro per patiënt. Nationaal geschat op 129 miljoen en 250 miljoen euro per jaar, nog zonder de kostenbesparing binnen de ambulancezorg.
  • Gelijkblijvende kwaliteit van Leven.

 


 

 

Onderzoeksgroep

Het onderzoek wordt begeleid door prof. dr. Pim van der Harst wiens promovendus drs. Dennis Sagel verantwoordelijk is voor het implementatie- en onderzoeksproces. Daarnaast werken diverse disciplines mee aan het onderzoek om zodat de kwaliteit van verzameling en analyse van de data gewaarborgd zijn. Naast een econoom/epidemiologe, implementatiedeskundigen, communicatiedeskundigen en docenten, werken er ook diverse cardiologen, huisartsen, MMA’s en ambulanceverpleegkundigen aan het onderzoek mee. Ook zijn er tweetal patiënten verenigingen gevraagd om mee te denken over de belastbaarheid van en communicatie strategie naar patiënten toe.

 

 

We hopen inzicht te hebben gegeven over de achtergrond van de preheart studie. voor nadere informatie kunt u via email contact zoeken.

 

Voor een impressie van de PreHEART score: zie het filmpje hieronder: